GTST-analyse seizoen 36: Het jubeljaar dat langzaam kopje onder ging
Van een lijk in een liftschacht tot aan het zoveelste familiemysterie bij de familie Sanders: de zomercliffhanger van het 36e seizoen van Goede Tijden, Slechte Tijden is een feit! Al is tv-expert Marit Laurenssen allerminst overtuigd: “Viel bijna in slaap, zo saai.”
“De tijd van onbezorgdheid is voorbij…” Het is namelijk weer tijd voor de jaarlijkse zomerstop van Goede Tijden, Slechte Tijden. Maar natuurlijk niet voordat de zomercliffhanger op de buis is geweest!

Al vanaf jongs af aan kijk ik trouw naar de langstlopende soap van ons land. Waarom? Het kijkt nou eenmaal gewoon lekker weg en werkt toch een beetje verslavend. Vol spanning keek ik dan ook uit naar de zomercliff van dit jaar.
Om wiens leven moeten we vrezen en welke schokkende geheimen komen er nu weer op de valreep naar boven? Maar eerlijk is eerlijk: ik moest mezelf af en toe echt knijpen om wakker te blijven.
Zomercliffhanger GTST
Ik durf zelfs wel te zeggen dat ik dit de slechtste zomercliffhanger sinds jaren vond. En ik leg je graag uit waarom. Voordat ik de azijn tevoorschijn tover, wil ik eerst mijn complimenten geven aan de productie. De aflevering is haast filmisch in beeld gebracht, alsof we naar een korte bioscoopfilm keken.
Net zoals de jubileumuitzending waarin we afscheid namen van Laura Selmhorst. Heel filmisch en prachtig gedaan. Dit mogen ze wat mij betreft bij de reguliere uitzendingen ook wel gaan doen, en niet alleen bij de speciale varianten.
Maar waarom deze cliffhanger dan toch bovenaan staat in mijn top 3 van slechtste cliffhangers ooit? Nou: waar was het spektakel? Ik wil vrezen voor het leven van meerdere personen.
Ik wil twijfelen aan het feit of de families in Meerdijk na de zomer hun leventje wel normaal kunnen vervolgen, of dat het openingsweekend volledig in het teken staat van een begrafenis organiseren. Luguber? Jazeker. Maar kom op, het is Goede Tijden, Slechte Tijden.
Realistisch hoeft het allemaal niet te zijn. Laten we immers niet vergeten dat Rik (Ferri Somogyi), Stefano (Bas Muijs), Ruben (Diego González-Clark), Julian (Cas Jansen) en Bing (Everon Jackson Hooi) in deze allerlaatste aflevering besluiten om het lichaam van Bruno te dumpen in een liftschacht. We zijn de grens van het realistische dus sowieso al lang gepasseerd.
‘We hebben meer bruiloften in Meerdijk nodig’
We willen gewoon spektakel! Ik mis de tijden dat Wiet – die naam alleen al – met een pistool de bruiloft van Nina en Noud binnenkwam en we ons de hele zomer afvroegen welke favoriete personages het nou wel of niet hadden overleefd
. Of die gigantische kettingbotsing uit de seizoensfinale van 2023, waarin wekenlang onduidelijk was of er doden waren gevallen en hoeveel dan. Conclusie: we hebben simpelweg meer bruiloften in Meerdijk nodig, want daar gaat het blijkbaar al-tijd mis.
En dan hebben we nog de geheime zoon van Ludo; het zoveelste Sanders-familiemysterie. Een interessante verhaallijn, dat zeker, maar niet spannend genoeg voor een zomercliffhanger. Het had een mooie aanloop naar de seizoensfinale kunnen zijn.
En dat dan in de feitelijk laatste aflevering zou de zoon Ludo onder schot blijven. Tijdens een bruiloft. Van een willekeurig merk. Ik noem maar wat, hè.
Is Rik nog in leven?
Wat deze zomercliff nog verrassend spannend maakte, was het incident met Rik. Nadat hij samen met zijn maten het lichaam van Bruno had weggemoffeld, stapte hij op zijn fiets om naar huis te gaan, toen er plots een auto verscheen die met een noodgang op hem inreed en hem keiharde schepte. Achter het stuur zat niemand minder dan Billy de Palma (Lone van Roosendaal), de moeder van zijn verloofde.
Door toedoen van Rik wil Shanti (Jolijn Henneman) namelijk niks meer met haar moeder te maken hebben en mag ze haar kleindochter Olivia niet meer zien. Billy is dus duidelijk uit op wraak.
Er zijn genoeg verhaallijntjes die openstaan voor na de zomer. Maar dat had ze ook kunnen doen in combinatie met een vuurwerkramp. Of had desnoods die hele bouwplaats laten instorten, ik noem maar wat. Maak het groots. Want nu viel ik er bijna bij in slaap.







